Één boorgat. Één gesloten lus.
Het NotusPiD-systeem is een coaxiale warmtewisselaar in één diepe put. Het wisselt warmte uit met het gesteente in plaats van er water uit te produceren — en heeft daarom geen aquifer, geen tweede put en geen injectie nodig.
Hoe het werkt
Vier stappen, en geen daarvan hangt af van het vinden van water in de ondergrond.
Één put
Er wordt één boorgat geboord tot de diepte die de vraag verlangt. Er wordt niets uit de formatie geproduceerd, dus doorlatendheid, porositeit en de aanwezigheid van een aquifer zijn niet langer bepalend.
Een coaxiale warmtewisselaar
In de verbuizing wordt een productiestreng ingebouwd. Door de ringruimte gaat koud fluïdum omlaag; door het geïsoleerde hart komt het opgewarmde fluïdum terug omhoog. Het werkfluïdum raakt de formatie nooit.
Circulatie
Een pomp houdt het fluïdum in beweging. Over de volle lengte van de put gaat warmte van het gesteente door het staal naar het fluïdum. Er wordt niets uit de bodem gehaald en niets in geïnjecteerd.
Levering
Aan de oppervlakte gaat de warmte via een warmtewisselaar naar het gebouw, het warmtenet of het proces. Waar de toepassing daarom vraagt tilt een warmtepomp de temperatuur verder op.
Waarom één put in plaats van twee
Het is geen ontwerpdetail. Het bepaalt waar aardwarmte überhaupt gebouwd kan worden.
Een klassiek doublet
Twee putten. Heet water wordt uit een doorlatende laag geproduceerd en via de tweede put teruggepompt. Het vraagt een aquifer met bewezen debiet, het staat of valt met injectie, en het wordt pas rendabel boven een bepaalde projectomvang.
Een NotusPiD single well
Één put. Een gesloten lus: geen productie, geen injectie, geen waterchemie. Het werkt in elke formatie die warm genoeg is, het ondergrondrisico beperkt zich tot temperatuur in plaats van debiet, en het schaalt vanaf één gebouw.
Wat de opbrengst bepaalt
De opbrengst van een single well wordt ontworpen, niet gevonden. Vier variabelen bepalen hem, en drie daarvan kiezen wij zelf.
Benieuwd wat één put op uw locatie levert? Stuur ons de locatie en de vraag: info@notuspid.nl
Diepte en gesteentetemperatuur
Elke honderd meter extra levert temperatuur op. De diepte wordt gekozen op basis van de aanvoertemperatuur die de toepassing nodig heeft — niet andersom.
Warmtegeleiding van het gesteente
Hoe snel de formatie haar warmte aan de put afgeeft. Dat is meetbaar en het laat zich modelleren voordat het ontwerp vastligt.
Debiet en retourtemperatuur
Twee variabelen die u aan de oppervlakte in de hand hebt. Samen met de diepte bepalen ze het vermogen en de jaaropbrengst van de put.
Herstel
Omdat er niets geproduceerd wordt, laadt het gesteente rond de put zich door geleiding weer op. Waar de locatie ook koeling nodig heeft, kunnen zomer en winter in het ontwerp tegen elkaar worden uitgebalanceerd.